Van de Belgische subtop tot clubs als Chelsea, Liverpool of PSG: deze spelers wisten succes te boeken in Europa vanuit 'kleine' clubs

Foto: © photonews
De Pro League wordt vaak beschouwd als een springplank voor talenten die een stap willen zetten in hun carrière. En je hoeft niet per se voor een grote Belgische club te spelen om de aandacht van buitenlandse scouts te trekken.
Dit is geen pleidooi voor de Playoffs II, maar het zou er op kunnen lijken. In het onderstaande elftal heeft slechts één speler deelgenomen aan de Playoffs I, met Zulte Waregem. Allemaal hebben ze echter geprofiteerd van hun tijd in België om zich te vestigen als basisspeler in een van de vijf grote competities. En dat bij clubs die meestal regelmatig gekwalificeerd zijn voor de Europa Cup.
Voor sommigen hebben de clubs van onze G5 inderdaad geprobeerd hen terug te halen na hun doorbraak in de subtop van België, maar ze kwamen te laat. Anderen zijn gewoon door de mazen van het net geglipt om enkele jaren later in het buitenland voor verrassingen te zorgen.
Doelman:
Nicola Leali: waarschijnlijk de minst bekende naam in de lijst. De Italiaanse doelman heeft geen onuitwisbare indruk achtergelaten tijdens zijn uitleenbeurt aan Zulte Waregem in het seizoen 2017/2018. Uitgeleend door Juventus, speelde hij slechts acht kleine wedstrijden en bleef in de schaduw van Louis Bostyn. Op 32-jarige leeftijd is hij nu een basisspeler in de Serie A bij Genoa.
Verdediging:
Takehiro Tomiyasu: een van de meest opvallende succesverhalen van de Japanse rekrutering van Sint-Truiden. Bij Stayen zette Tomiyasu zijn eerste stappen in Europa. Het kostte hem slechts een jaar om naar Bologna te verhuizen. Hij speelt nu al vier jaar bij Arsenal.
Wout Faes: Ondanks zijn opleiding bij Anderlecht heeft Faes nooit een minuut gespeeld in het eerste team van de club. Het was Oostende dat hem een kans bood door hem voor slechts 300.000 euro aan te trekken. Een jaar en een half later vertrok hij naar Reims voor tien keer die prijs. Voordat hij de deur opende naar de Premier League en het Belgische nationale elftal.
Abdou Diallo: de enige speler op de lijst die ooit Playoffs I heeft gespeeld. Dat was in het seizoen 2016/2017 met Zulte Waregem. De Frans-Senegalese verdediger die door Monaco werd uitgeleend, stelde zichzelf op als basisspeler, maar maakte niet echt indruk en speelde bijna niet bij zijn terugkeer naar Monaco. Zijn carrière kreeg een boost in Duitsland, met een transfer van 28 miljoen naar Borussia Dortmund en vervolgens een aankomst van 32 miljoen bij PSG. Hij speelt nu in de Qatarese competitie.
Arthur Theate: net als Wout Faes leek de helpende hand van Oostende een laatste kans voor Arthur Theate, die via de achterdeur vertrok bij de Academie van Standard Luik. Een seizoen was genoeg om de deuren naar het buitenland voor hem te openen. Het verhaal is nu bekend: na Bologna en Rennes, schittert de Rode Duivel bij Eintracht Frankfurt, waar hij al interesse wekt in de Premier League.
Middenveld:
Issa Kaboré: hij is natuurlijk een rechtsback. Maar met zijn uithoudingsvermogen en dynamiek aan de flank heeft Issa Kaboré ook alle kwaliteiten om als rechts middenvelder te spelen. Het was juist deze dynamiek die Manchester City overtuigde om hem in juli 2020 bij Mechelen weg te halen. Een eer voor de scoutingafdeling van KV Mechelen, die hem een jaar eerder in Burkina Faso had ontdekt. Hoewel Kaboré nooit voor City heeft gespeeld, leverde deze transfer hem uitleenbeurten op om zich te bewijzen, zoals bij Marseille, Benfica en momenteel bij Werder Bremen.
Moises Caicedo: hij had geen uitleenbeurten nodig om zich te vestigen in de Premier League. Tijdens zijn zes maanden op uitleenbasis bij Beerschot liet de Ecuadoraan meteen zien dat hij boven de rest uitstak. Maar van daaruit naar een direct succes bij zijn terugkeer bij Brighton en een transfer van 116 miljoen naar Chelsea was slechts een kleine stap.
Wataru Endo: de andere succesvolle speler van het Japanse avontuur bij Sint-Truiden. Net als Tomiyasu zette Endo zijn eerste stappen in Europa bij Stayen. Een jaar later verhuisde hij al naar Stuttgart. Hij speelt nu al twee jaar bij Liverpool.
Ramy Bensebaini: net als Kaboré is Bensebaini een back, maar hij staat iets hoger in ons elftal vanwege zijn aanvallende kwaliteiten. Zijn twee doelpunten in de Champions League met Dortmund en zijn vijf assists in de Bundesliga getuigen daarvan. Opmerkelijke prestaties voor een jongeman die tien jaar geleden nog zoekende was tijdens zijn tijd bij Lierse. Uitgeleend door Paradou, verdiende Bensebaini vervolgens zijn sporen bij Rennes en Borussia Monchengladbach. Hij is nu een steunpilaar bij Borussia Dortmund en het Algerijnse nationale team.
Aleix Garcia: net als Bensebaini ging Aleix Garcia van vechten tegen degradatie in de Pro League naar de top van het Europese voetbal. Tijdens zijn tijd bij Moeskroen was de Spaanse aanvallende middenvelder van onschatbare waarde voor Excelsior met zijn 5 doelpunten en 3 assists. Uitgeleend door Manchester City moest hij vervolgens een weg banen door de Roemeense competitie en de Spaanse tweede divisie om te laten zien wat hij in huis had. Het sprookje bij Girona stelde hem in staat zijn debuut te maken voor het Spaanse nationale team en een transfer van 20 miljoen naar Bayer Leverkusen te bemachtigen. Ver weg van de problemen bij Le Canonnier.
Aanval:
Victor Osimhen: in dit 4-5-1 systeem kon de punt alleen maar naar Victor Osimhen gaan. We moeten toegeven, de Nigeriaan was geen onopvallende speler in België. Charleroi wist al snel dat ze de jackpot zouden slaan door zijn aankoopoptie te lichten. De 22 miljoen die Lille uitgaf, waren slechts het begin van zijn doorbraak bij Napoli. In het Mambourg zullen ze zich zijn doorbraak nog lang herinneren van deze spits die met een ernstig gebrek aan vertrouwen van Wolfsburg arriveerde.
Een basiself is nooit volledig. De Pro League kon altijd rekenen op de rekrutering van jonge talenten voor een lage prijs om een seizoen ver van de degradatiezone te blijven en vervolgens een mooie meerwaarde te realiseren aan het einde van het seizoen. Jongens als Ngal'ayel Mukau, Adam Marusic, Emmanuel Agbadou en nog veel anderen hadden ook aanspraak kunnen maken op een plek in het team.
Johan Walckiers