Hoe Club Brugge - ondanks spanning op de contractonderhandelingen - toch akkoord vond met Kyriani Sabbe


Foto: © photonews 04 april 2025 12:00

Kyriani Sabbe (20) heeft zijn contract bij Club Brugge onlangs verlengd tot 2028, een beslissing die na maandenlange onderhandelingen eindelijk werd beklonken. De rechtsachter bracht zelf de gesprekken in een stroomversnelling door het kantoor van Director of Football Dévy Rigaux binnen te stappen.

Sabbe, die interesse had vanuit Frankrijk, Italië en Duitsland, maakte duidelijk dat hij ondanks deze belangstelling graag bij Club Brugge wilde blijven, schrijft Het Nieuwsblad.

De onderhandelingen tussen Sabbe en de club liepen in eerste instantie vast. De rechtsachter had nog maar een contract tot 2026, wat hem de vrijheid zou geven om de zomer daarop te vertrekken. In de eerste gesprekken werd er wel interesse getoond van beide kanten om door te gaan, maar het bleef lang stil. Pas enkele maanden later werden de gesprekken weer opgestart en begonnen ze vrucht te dragen.

Sabbe, die al sinds zijn zevende bij Club Brugge speelt, voelde zich altijd verbonden met de club. Ondanks dit sterke gevoel voor de club, wilde Sabbe de afgelopen maanden niet zomaar instemmen met het voorstel van de club.

Op 20-jarige leeftijd had Sabbe vooral behoefte aan speeltijd, iets wat moeilijk te realiseren was door een blessure en de opkomst van Joaquin Seys. Na Seys' hamstringblessure kreeg Sabbe opnieuw kansen in de basis, maar hij had gehoopt op meer speeltijd na zijn doorbraak vorig seizoen. Dit zorgde voor enige spanning in de gesprekken, maar Sabbe kwam uiteindelijk zelf naar Rigaux met de boodschap dat hij bij Club Brugge wilde blijven.

In de daaropvolgende gesprekken werd het sportieve plan van Club Brugge een belangrijk onderwerp. Sabbe kreeg geen gegarandeerde speeltijd, maar het was duidelijk dat de club vertrouwen had in zijn toekomst. Maxim De Cuyper zal waarschijnlijk vertrekken, wat ruimte maakt voor Sabbe om de concurrentie met Hugo Siquet aan te gaan op de rechtsbackpositie.

Johan Walckiers

 
 
Reacties.